Spelregels

Veel regels bij de Tenniskidswedstrijden zijn hetzelfde als bij de senioren. Zo mag je twee keer serveren tijdens een servicebeurt,  je mag ook onderhands serveren (rechtstreeks uit de hand, zonder stuit), de bal mag in de rally maar één keer stuiten en moet binnen de lijnen geslagen worden.

Ook alle regels over sportief gedrag zijn hetzelfde, dus schelden, met je racket gooien of je tegenstander expres afleiden, mag niet. Maar dat spreekt eigenlijk voor zich.

De uitzonderingen zitten vooral in de telling. Hier staan ze op een rij: 

Rood

  • De wedstrijd bestaat uit één tiebreak tot de 7. Wie het eerste 7 punten wint, heeft gewonnen (7-6 is einde partij).
  • Je serveert om de beurt.
  • De enkelspelzijlijn geldt als servicelijn, in de rally geldt de dubbelspelzijlijn als achterlijn.
  • Je speelt alleen enkels, nog geen dubbels. 

Oranje

  • De wedstrijd bestaat uit 4 gewonnen games. Bij een 3-3 stand in games wordt een beslissende game gespeeld (geen tiebreak). Bij een oneven gamestand wissel je van speelhelft. 
  • Je speelt met het Beslissend Punt Systeem: bij 40-40 levert het winnende punt de game op. De ontvanger bepaalt vanaf welke kant de serveerder het punt moet spelen.
  • Je speelt de dubbels in het dubbelveld, dus inclusief de tramrails.

Groen

  • Je speelt 2 sets om 4 gewonnen games met een verschil van twee games (bijvoorbeeld 4-2 of 5-3).
  • Bij 4-4 in de set speel je een tiebreak tot 7 punten (met een verschil van 2 punten):
    • De speler die aan de beurt is om te serveren, serveert vanaf rechts voor het eerste punt. De tegenpartij serveert daarna vanaf links voor het tweede punt en vervolgens vanaf rechts voor het derde punt.
    • Iedere speler serveert daarna steeds voor twee punten. Eerst vanaf links en daarna vanaf rechts.
    • Er is een normale telling (1, 2, 3). De partij die het eerst 7 punten haalt (met een verschil van twee punten), wint de tiebreak. De set is dan gewonnen met 5-4 (bij de senioren 7-6). Na iedere 6 punten in de tiebreak moeten de spelers wisselen van speelhelft.
    • De partij die het eerst serveerde in de tiebreak, moet ontvanger zijn in de eerste game van de volgende set.
  • Als het 1-1 in sets staat, speel je een beslissende tiebreak tot 7 punten (met een verschil van 2 punten).
  • Ook geldt het Beslissend Punt Systeem: bij 40-40 levert het winnende punt de game op.
  • De dubbel speel je in het dubbelveld, dus inclusief de tramrails.

Tot slot nog een groot verschil met het gelebaltennis, bij rood, oranje en groen spelen de jongens en meisjes gewoon door en tegen elkaar.